Wat als iemand met dementie niet verder wil leven?

In de week van 13 februari 2021 is het de week van de euthanasie (https://www.nvve.nl/week-van-de-euthanasie), georganiseerd door de NVVE (Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde), die is bedoeld om meer inzicht te krijgen in de euthanasiewet. Sinds de wet in 2002 is ingegaan zijn levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding onder voorwaarden niet langer strafbaar in Nederland.

Op zondag 14 februari gaat in dit kader de documentaire Dokter Kees. Zoekend naar de wil van Willy (https://vimeo.com/494266313) in première, over de dilemma’s van euthanasie bij gevorderde dementie. Een lastig en pijnlijk onderwerp, waar ook juridisch gezien veel bij komt kijken. In deze blog ga ik verder in op de juridische aspecten die hierbij een rol spelen. 

Euthanasie begint altijd met het verzoek van een patiënt aan zijn of haar arts om euthanasie te verlenen. Dat verzoek kan mondeling gedaan worden maar ook schriftelijk, door middel van een zogenaamde wilsverklaring.Hierin wordt beschreven wat iemands medische wensen zijn, waarbij ook een euthanasieverklaring kan worden opgenomen. Hierin wordt vastgelegd onder welke omstandigheden iemand euthanasie wil krijgen bij ondraaglijk lijden. Een dergelijke schriftelijke euthanasieverklaring kan ook opgenomen worden in een levenstestament.

Aan een schriftelijke euthanasieverklaring kan alleen uitvoering gegeven worden wanneer de patiënt niet meer in staat is zelf een besluit te nemen over zijn of haar levensbeëindiging. Als dit niet zonder twijfel kan worden vastgesteld, dan gaat de wil tot levensbeëindiging die de patiënt op dat moment heeft, vóór de schriftelijke euthanasieverklaring. Een eerder vastgelegd schriftelijk verzoek kan het actuele verzoek van een patiënt in dat geval hooguit ondersteunen of verduidelijken.

Is iemand niet meer wilsbekwaam, bijvoorbeeld als gevolg van dementie en is sprake van een euthanasieverklaring? Dan is de vraag hoe met zekerheid bepaald kan worden dat degene van wie het leven beëindigd gaat worden door middel van euthanasie, dit op dat moment ook daadwerkelijk wil. Hoe weet men zeker dat de schriftelijke euthanasieverklaring nog steeds de wil is van degene die deze verklaring heeft afgelegd?

Om euthanasie in deze situatie toe te kunnen passen, is het (ook) vanuit juridisch perspectief van groot belang dat deze vraag door de arts beantwoord wordt. Handelt de arts niet zorgvuldig, dan loopt hij/zij immers het risico om vervolgd te worden voor het opzettelijk beroven van iemands leven. Ook zou hem/haar bij onzorgvuldig handelen mogelijk tuchtrechtelijk een verwijt gemaakt kunnen worden.  Maar hoe kan beoordeeld worden of het moment van levensbeëindiging daadwerkelijk daar is bij iemand die lijdt aan dementie? Hoe kan je vaststellen wat iemands wil is op het moment dat diegene aan het dementeren is? En hoe stel je vast dat in dat geval daadwerkelijk sprake is van uitzichtloos en ondraaglijk lijden?

Om deze, en andere vragen te beantwoorden, dient een arts bij een schriftelijke euthanasieverklaring goed na te gaan of voldaan is aan de in de euthanasiewet opgenomen zorgvuldigheidseisen. Een schriftelijke euthanasieverklaring op zich is namelijk volgens de euthanasiewet niet voldoende; de arts moet er ook van overtuigd zijn dat aan alle zorgvuldigheidseisen is voldaan.  Hoe deze eisen ingevuld moeten worden, heeft de Hoge Raad nader uiteengezet in zijn arrest van 21 april 2020.  Hierin komt voor wat betreft de zorgvuldigheidseisen die in de euthanasiewet worden genoemd onder meer het volgende aan de orde:

  • De arts moet vaststellen dat de patiënt de schriftelijke verklaring destijds vrijwillig en weloverwogen heeft gedaan en dat dementie (mede) wordt genoemd in de schriftelijke verklaring. Ook zal de arts zich een beeld moeten vormen van de omstandigheden waaronder de schriftelijke verklaring destijds is gedaan;
  • Er moet sprake zijn van uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Dit is misschien wel de meest lastig in te vullen zorgvuldigheidseis die genoemd wordt in de euthanasiewet in combinatie met dementie. Ook door de wetgever wordt erkend dat dit een ‘zeer moeilijke afweging’ is. Zijn er nog voldoende goede momenten? Is er nog sprake van een zekere mate van balans tussen gelukkig zijn en niet gelukkig zijn? Aan de hand van de actuele gesteldheid van de patiënt, zal de arts moeten vaststellen of sprake is van uitzichtloos en ondraaglijk lijden. De wijze waarop aan deze zorgvuldigheidseis invulling gegeven kan worden, wordt overigens knap belicht in de documentaire Dokter Kees. Zoeken naar de wil van Willy.
  • De arts moet ervan overtuigd zijn dat er zowel naar medisch inzicht als in het schriftelijk verzoek van de patiënt, geen redelijke andere oplossing is voor de actuele situatie waarin de patiënt zich bevindt. Bij dementie is dit extra lastig; de arts kan in dat geval niet met de patiënt tot de overtuiging komen dat er nog een redelijke andere oplossing is. Ook hier zal daarom naar de (inhoud van de) schriftelijke verklaring van de patiënt gekeken moeten worden.

Wilsonbekwaamheid maakt het dus niet onmogelijk om een euthanasiewens uit te voeren. De euthanasiewet biedt de mogelijkheid om door middel van een euthanasieverklaring vast te leggen onder welke omstandigheden (bijvoorbeeld wanneer sprake is van dementie) euthanasie gepleegd moet worden. Tegelijkertijd geldt, dat ook wanneer iemand een euthanasieverklaring heeft afgelegd, er op het moment dat het euthanasieverzoek ook echt wordt gedaan, alsnog vastgesteld moet worden of euthanasie toegepast mag worden. Dit geldt ook wanneer diegene niet meer wilsbekwaam is. Dat levert vragen op die buitengewoon lastig te beantwoorden zijn, maar de praktijk laat zien dat dit niet onmogelijk is.  

Heeft u vragen met betrekking tot dit onderwerp? Neem dan contact op met één van de erfrechtspecialisten van de vFAS via deze link.

Verdieping op dit onderwerp

Contactformulier

mr. J.C. (Coen) van den End

Werkzaam bij: SILK Advocaten & Mediators

Vul onderstaande gegevens in om uw vraag te stellen. Wij gaan zorgvuldig met uw persoonlijke gegevens om. Meer informatie hierover leest u in onze privacyverklaring.

ERVEN* houdt zich aan alle Europese regels op het gebied van online privacy. Op onze website worden geen advertenties getoond. ERVEN* gebruikt wel cookies en scripts van Google om het gebruik van de website geanonimiseerd te analyseren. Zo kunnen we content op maat aanbieden en de effectiviteit verder verbeteren. Lees hier meer over ons cookiebeleid.

Terug naar vorige