Wilsrechten

Wilsrechten

Is een wettelijke verdeling van toepassing, dan hebben de kinderen een vordering op de langstlevende ouder gekregen die pas opeisbaar is als de langstlevende overlijdt, failliet is of in de schuldsanering terecht komt. Maar wat als de langstlevende ouder nu opnieuw gaat trouwen? En de langstlevende ouder overlijdt daarna?

Op grond van de wettelijke verdeling komt het vermogen van de langstlevende ouder dan toe aan de nieuwe partner. De kinderen kunnen hun vordering dan niet incasseren. Dit kan leiden tot een onredelijke situatie. Daarom hebben de kinderen de mogelijkheid om hun "wilsrechten" in te roepen als de langstlevende ouder van plan is om opnieuw te trouwen. Het gevolg hiervan is dat de kinderen goederen ter waarde van hun vordering op de langstlevende ouder in eigendom krijgen. De langstlevende ouder mag die goederen wel blijven gebruiken (recht van vruchtgebruik). Het eigendom dat de kinderen gekregen hebben wordt bloot-eigendom genoemd. Hoewel het kind dus niet de beschikking krijgt over de goederen geeft het wel meer zekerheid dan wanneer het kind alleen de niet-opeisbare vordering op de langstlevende zou hebben.

Het recht van vruchtgebruik eindigt als de langstlevende ouder overlijdt. De kinderen krijgen dan de volledige eigendom over de goederen. 

Stel nu dat de kinderen bij het hertrouwen van hun langstlevende ouder geen wilsrecht hebben uitgeoefend, dan kunnen zij bij het overlijden van die ouder uitbetaling van hun vordering vragen (uitoefening vol-eigendomswilsrecht) of om overdracht van goederen ter grootte van hun vordering. 

In een testament kunnen wilsrechten worden uitgebreid, beperkt of uitgesloten worden.

 

Vind uw erfrechtspecialist

© vFAS 2020
Deze website wordt beheerd door: vFAS